Mee uit

Puppen en jonge honden moeten vaak uit om ze zindelijk te maken. Dat zijn echter hele korte sessies: plassen, poepen en weer naar binnen. Deze uitlaatbeurten tellen niet mee in de hoeveelheid beweging die je een pup per dag geeft, mits ze dus heel kort zijn. Maak onderscheid tussen uitlaatrondjes en dagelijkse wandelingen.

Top

Hoe lang mag een pup/jonge hond lopen?

Puppies en jonge honden zijn volop in de groei. De botten zijn nog zacht, de banden en pezen nog niet zo sterk en de spieren moeten zich nog ontwikkkelen. Ga je met deze makkers te lang lopen, dan kunnen er allerlei blessures ontstaan. Enerzijds kan er degeneratie van het kraakbeen optreden, waardoor de ontwikkeling van de botten en met name de gewrichten problemen kan geven. Verschillende elleboogproblemen kunnen zich dan bijvorobeeld voordoen (o.a. OCD). Daarnaast kunnen er blessures optreden, doordat de pup vermoeid raakt en zich daardoor verstapt.

Daarentegen is een tekort aan beweging ook niet goed. Tijdens de groei nemen lichaamsgewicht en snelheid van de pup toe. Een pup moet leren hiermee om te gaan en moet dus de gelegenheid krijgen om zijn motoriek te ontwikkelen. Dat doet hij tijdens rennen en spelen. Pups die te weinig gelegenheid hiertoe krijgen, kunnen hun motoriek dus minder ontwikkelen hetgeen een nadeel kan zijn als je later met je hond een of andere hondensport wilt gaan doen. Pups die op jonge leeftijd niet geleerd hebben om op volle snelheid oneffenheden in het terrein in te schatten, kunnen later bij eht nemen van sprongen moeite hebben met een goede timing. Ook voor de gewone huishond kan een minder ontwikkelde motoriek een nadeel zijn, omdat dit eerder zal leiden tot een blessure door een verkeerde beweging. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren bij het gooien van een balletje.
Vanuit de paardenwereld is bekend dat veulens die de hele dag vrij buiten bewegen een dikkere laag gewrichtskraakbeen en dikkere buigpezen ontwikkelen dan hun leeftijdsgenootjes die veel op stal stonden. Dit effect was op latere leeftijd neit meer in te halen. Ook bij honden is dit effect aangetoond. Een teveel aan beweging gaf echter een degeneratie van het kraakbeen.

Om de juiste hoeveelheid beweging voor een pup te bepalen, werd voorheen de regel van 5 gehanteerd:

Voorbeeld:
mijn hond is 3 maanden oud, dus mag hij 3x5=15 minuten mee uit wandelen en dat doe ik dan drie vier keer per dag.

Deze regel is enigszins achterhaald. Een pup van drie maanden zou dan slechts een kwartiertje mogen lopen, terwijl ze in het nest op 8 weken leeftidj vaak meer dan een half uur achter elkaar emt hun nestgenootjes spelen. Verder is het zo, dat een pup van 3 maanden zijn energie niet kwijt kan in een rondje van 15 minuten en dus de 'schade' thuis zal inhalen. De vraag is wat slechter is voor eenhond: wat extra beweging buiten of binnen over het gladde laminaat de meest vreemde capriolen uithalen.

Top

Verschillen in soort beweging

Niet alle bewegingen die een pup maakt zijn onder n noemer te vangen. Het met elkaar spelen van puppies is bijvoorbeeld veel belastender voor ze dan een gelijkmatig drafje. Bij het spelen maken ze allerlei draaien, moeten onverwachtse "aanvallen" van hun speelmaatjes pareren en maken in de achtervolging veel korte draaien en sprongen. Dit alles is erg goed voor de ontwikkeling van de motoriek (ervan uit gaande dat de speelmaatjes qua aard en formaat aan elkaar gewaagd zijn!). Bovendien kunnen de pups op deze manier prima hun sociale vaardigheden oefenen.

Een hond die mee gaat op een wandeling met de baas, maakt meestal weinig plotselinge draaien en sprongen. Veelal loopt hij in een rustig drafje wat te snuffelen. Ook dit is goed voor de hond, want hij ontwikkelt op een rustige manier spieren.

Beide typen beweging zijn dus nodig voor een evenwichtige ontwikkeling van de pup. Het mag echter duidelijk zijn dat er voor deze twee uitersten andere regels gelden! Het spelen met soortgenoten is vele malen belastender dan het rustig wandelen. Stel dat het met elkaar spelen minstens 3x zo zwaar is voor de pup, dan zou de pup met 15 minuten spelen op dezelfde belastig uitkomen als een pup die 45 minuten wandelt. Hou hier rekening mee bij het plannen van je dagelijkse activiteiten met je pup. Heeft hij al een lange wandeling gehad, hou het spelen met andere pups dan kort. Heeft hij lang gespeeld, hou de wandelng erna dan kort. Leer verder door goed te kijken naar je hond om de eerste tekenen van vermoeidheid te herkennen. Zie je dat je hond moe wordt of geeft hij dit zelf aan, luister hier dan naar en geef hem rust. Let dus goed op je hond als je vertederd staat te kijken hoe je pup met een andere pup speelt. Zie je vermoeidheidssignalen bij je hond, stop het spelletje dan en spreek eventueel een tijdstip af, dat de honden elkaar weer (kort) kunnen ontmoeten.

Top

Geldt dit voor alle honden?

Er zijn verschillen tussen rassen. Met de grote, zware rassen (doggen, Rottweilers, Berner Sennenhonden, etc.) moet je voorzichtiger zijn, en mag je dus echt niet teveel lopen. Heb je een Border Collie, Belgische Herder, Duitse Staande Hond, Jack Russell, Sheltie of ander stevig gebouwd, maar wel lichtgewicht ras, dan kun je eens een keer zondigen. Bedenk wel: veel van deze rassen geven niet aan wanneer ze moe zijn! Dat moet je als baas in de gaten houden!
Met Duitse Herdershonden (zwakke heupen) en Labradors (zware bouw en vaak zwakke heupen) kun je beter ook de grens niet overschrijden, ook al heeft de hond nog zoveel energie. Rassen waarvan bekend is dat ze snel last van hun gewrichten of rug krijgen (Duitse Herders, Berner Sennenhonden, Teckels) mogen verder absoluut niet lang met andere honden spelen. Korte spel-sessies zijn echter wl goed voor ze, omdat ze op die manier wel spieren en banden oefenen en zo sterker worden.
Denk eraan: net als mensen, doen honden ook niet altijd wat goed voor ze is! Hou het dus als baas goed in de gaten en bescherm je hond tegen zichzelf.

Een vuistregel is:

Top

Laatst gewijzigd op:

Deze pagina is onderdeel van de Hondenvraagbaak