Agility

Inhoud:

Top

Inleiding

Agility, ook wel behendigheid genoemd, is een vorm van hondensport waarbij de hond zo snel mogelijk en zonder fouten een parcours moet afleggen. Zo'n parcours laat zich goed vergelijken met een springparcours van paarden. Bij de agility heb je alleen een grotere verscheidenheid aan hindernissen en de baas loopt met zijn hond mee. De hond loopt het parcours onaangelijnd, waarbij de baas door positie, lichaamstal en commando's de hond rond stuurt. Aanraken van de hond tijdens het parcours is niet toegestaan.

Er wordt in Nederland onder twee verschillende organisaties agility gedaan. Ten eerste zijn er de verenigingen, die onder de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied vallen. Deze hanteren de internationale regels van de FCI. Ten tweede is er de FHN, Federatie Hondensport Nederland, die eigen reglementen hanteert. Zij vallen niet onder de Raad en ook niet onder de FCI, maar hebben een eigen internationale overkoepeling. Op enkele details na, maakt het niet zoveel uit bij welke organisatie je gaat lopen. Er zijn loeprs die bij beide wedstrijden lopen. De wedstrijden van de FHN zijn doorgaans meer in de Noordelijke helft van Nederland, die van de FCI meer zuidelijk. Dt kan een oveweging zijn om bij de ene of de ander te lopen. Een andere oveweging is het verschil in spronghoogte, wat bij de ene organisatie voor jouw hond gunstige kan uitpakken dan bij de andere.

Top

Welke honden kunnen er meedoen?

Agility is geschikt is voor veel honden, maar niet allemaal. Doordat het voor de hond lichamelijk best een belastende sport is, moet de hond hier enigszins op gebouwd zijn. Hele grote honden (St Bernhard, Ierse Wolfshond) of honden met kwetsbare lilchaamsdelen (b.v. lange rug van een teckel) kunnen beter geen agility doen. Ook met honden met korte snuiten moet men oppassen, omdat deze honden het snel benauwd hebben.
Het karakter van de hond speelt ook mee. Niet alle honden zien de lol van dit spelletje in. De meeste vinden het echter wel leuk en ervaren het als een heerlijke uitlaatklep voor hun overtollige energie. Je hoeft ze dus doorgaans nauwelijks te motiveren, maar slechts bij te sturen. Daardoor is ook een heel 'eigenwijze' hond doorgaans prima te trainen.

Bij agility wordt onderscheid gemaakt in groepen op basis van de schofthoogte van de hond. Afhankelijk van de organisatie waaronder de wedstrijd valt, wordt op 3 of op 4 hoogtes gesprongen
FCI FHN
Klasse Schofthoogte Spronghoogte Klasse Schofthoogte Spronghoogte
Large 43 cm. of meer 55-60 cm ABC 65 >50,0 cm 65 cm
Medium 35 cm. tot 43 cm 35-40 cm ABC 55 <50,1 cm 55 cm
Small tot 35 cm 25-30 cm ABC 40 <40,1 cm 40 cm
-- -- -- ABC 30 <30,1 cm 30 cm

Er zijn ook nog aparte klasses voor debutanten en voor veteranen. Doorgaans springen die lager en worden er een aantal toestellen weggelaten.

Top

Wanneer mag men beginnen met agility?

Als algemene regel geldt dat de hond minimaal één jaar oud moet zijn, omdat hij voor die tijd lichamelijk nog niet helemaal ontwikkeld is. Verder is het van belang dat de hond qua gehoorzaamheid al een redelijk niveau heeft, omdat hij ook onder appèl moet staan wanneer hij niet aangelijnd is.
Tegenwoordig zijn er de zogenaamde Pre-agility cursussen, die reeds met puppen of jonge honden van start gaan. De goede cursussen werken vooral aan baas-hond contact en het sturen van de honden. Er wordt nog niet gesprongen en de meeste toestellen worden ook pas later aangeleerd. Het sturen van de honden (links-om, rechts-om) gebeurt om de vleugels van de sprongen of om pionnen.

Top

Hoe wordt er getraind?

Bij de agility training wordt doorgaans op een positeive manier getraind, waarbij de honden voroal gestimuleed worden en fouten genegeerd worden.

Bij het aanleren van de oefeningen is het erg belangrijk de hond te belonen als hij het goed heeft gedaan. De hond moet gaan leren dat wanneer hij de oefening goed uitvoert, er een beloning volgt. Deze beloning kan uit iets lekkers bestaan of bijvoorbeeld een bal die weggegooid wordt. Heel belangrijk is dat het aanleren volledig dwangvrij gebeurt.

In een later stadium van de training dient de beloning weer te worden afgebouwd en geef je hem de beloning pas aan het eind van het parcours. Bij de wedstrijden mogen er immers geen hulpmiddelen, behalve je stem en een gebaar, meer gebruikt worden.

Top

Wedstrijden:

Parcours

Eindelijk is het dan zover. Na vele trainingen ben je klaar voor het echte werk, de wedstrijden. De wedstrijden worden gehouden door het hele land. Om mee te mogen doen aan wedstrijden van de Raad van Beheer (FCI) moet je beschikken over een hondenlogboek en een geldige startlicentie.
Binnen de Agility is er sprake van verschillende klassen. Bij de FCI zijn dit:
- 1e graad (A - klasse)
- 2e graad (B1 - klasse)
- 3e graad (B2 - klasse, alleen voor de Large honden, en de C - klasse).
Bij de FHN dient ook een startlicentie aangevraagd te worden als men die wedstridjen wil lopen. De klasse-indeling bij de FHN is vergelijkbaar, maar kent niet de opsplitsing van de B-klasse. Er zijn dus drie klasses: A, B en C.

De beginnende combinaties starten in de A - klasse. Om voor bevordering naar de B1 - klasse (FCI) in aanmerking te komen, dien je drie keer een "Uitmuntend" te scoren op het onderdeel Jumping of Vast Parcours, waarvan er minimaal één behaald moet worden op het onderdeel Vast Parcours. Onder "Uitmuntend" wordt verstaan een foutloos rondje binnen de vastgestelde Standaard Parcours Tijd (SPT). Dat valt nog lang niet mee. Een wedstrijd is toch altijd anders dan het vertrouwde trainingsveld. Er lopen veel meer mensen en honden rond, het terrein en de toestellen zijn vreemd en vaak is de baas ook nog eens extra gespannen. Gebruik daarom de eerste paar wedstrijden om te wennen aan het sfeertje rond een wedstrijd en heb niet al te hoge verwachtingen. Dan valt het altijd mee.

Een wedstrijd bestaat uit drie onderdelen: Het "Vast Parcours", de "Jumping" en het "Spel". Afhankelijk van de klasse waarin je loopt, verschillen de moeilijkheidsgraad en de tijd die voor een parcours wordt vastgesteld. In het "Vast Parcours" worden doorgaans alle toestellen opgenomen en het aantal hindernissen is ongeveer twintig. Het onderdeel "Jumping" bestaat uit ongeveer hetzelfde aantal hindernissen, alleen staan er géén raakvlaktoestellen in het parcours. Het onderdeel "Spel" kent verschillende varianten. Zo is er bijvoorbeeld een "Gambling" en een "Tijd Fout Uit". Voor aanvang van de wedstrijd wordt de spelvariant bekend gemaakt.

Bij de Raad van Beheer (FCI) wordt er vanaf de B1 - klasse gewerkt met een promotie- degradatieregeling. Je kunt dan punten scoren op de wedstrijden en aan het eind van de competitie weet je of je promoveert naar een hogere klasse, of je blijft in de huidige klasse, of dat je degradeert naar een lagere klasse. Degradatie van de B1 - klasse naar de A - klasse is niet mogelijk. Tussentijdse promotie is vanaf de B1 - klasse ook mogelijk op basis van "Podiumplaatsen".
De FHN kent ook een promotie/degradatie systeem. Dit is iets ingewikkelder.

Resultaten van FCI en FHN worden onderling niet erkend, zodat een promotie bij de FCI niet betekent dat je bij de FHN ook promoveert. Je dient daar ook de vereiste punten te halen. Het kan daardoor voorkomen dat dezelfde hond bij de ee organisatie in de A-klasse loopt en bij de andere organisatie in de C-klasse.

Top

Reglementen:

De reglementen van agility zijn te vinden op de website van de Raad van Beheer en op die van de FHN. Hieronder vind je de links:
Raad van Beheer, kijk bij actief met je hond - sporten met je hond
FHN, kijk bij Reglementen of bij Behendigheid

Top

Laatst gewijzigd op: